In een recent verschenen artikel in het huisblad van de WUR, Resource, wordt melding gemaakt van onderzoek van een masterstudent, waaruit blijkt dat veel minder plastic dan gedacht wordt gevonden in vissen die gevangen zijn in de Noordzee. Dit onderzoek is onlangs gepubliceerd in het tijdschrift Marine Pollution Bulletin. Student Enya Hermsen deed onderzoek naar de hoeveelheid plastic in Noordzee-vis. Hiervoor onderzocht ze 400 vissen op basis van een nieuw protocol, waaronder haring, sprot, schar en wijting.

Plastic filteren

De gebruikte vissen werden al in januari 2013 gevangen in de Noordzee. Voor het onderzoek werden de darmen en magen van de vissen opgelost met een stof die alleen biologisch materiaal afbreekt. De uiteindelijk oplossing werd daarna gefilterd met een zeef die deeltjes vanaf 20 µm kan opvangen. Van de opgevangen deeltjes is met behulp van FTIR spectroscopy bepaald of het om plastic ging.

De resultaten van het onderzoek van Hermsen zijn in tegenspraak met de resultaten van eerdere onderzoeken: er bleek uiteindelijk in maar een van de vissen twee kleine stukjes plastic in de darmen te zitten. Een vrijwel verwaarloosbaar resultaat. Mogelijk komt dat omdat protocollen in eerdere studies niet goed genoeg waren. In dit recente onderzoek is een methode gebruikt met veel aandacht voor het voorkomen van verontreinigingen, werd niet gewerkt met plastic gereedschap en werd speciale kleding gedragen. Begeleider Bart Koelmans denkt dat dit nieuwe protocol een goede basis kan zijn voor een standaardprotocol. Momenteel bestaat er nog geen standaard voor het meten van de hoeveelheid plastic in vissen.

Uit de resultaten kan overigens niet de conclusie getrokken worden dat er ook minder plastic aanwezig is in de Noordzee dan gedacht. Volgens Koelmans is er nog veel te leren over het verband tussen de plasticconcentratie in zeewater en de opname ervan door vissen.

Coverfoto: Jacob Bøtter / CC BY 2.0