“Ja! Ik heb er weer een, wordt er vanuit de branding geroepen.” Enthousiast rennen de kinderen met hun netjes naar het strand, waar hun emmertjes staan. Snel doen ze het kleine visje in een van de emmertjes. Enthousiast wordt er naar de ouders geroepen: “We hebben er weer een, een ‘zandvisje'”. De kleine zandkleurige visjes: ‘zandvisjes’ of ‘lompjes’ worden ze door kinderen genoemd. Zijn echte naam is het dikkopje (Pomatoschistus minutus).

Bergenbouwers

De stervormige berg van een dikkopje - Foto: Yoeri van Es
De stervormige berg van een dikkopje (Pomatoschistus minutus) – Foto: Yoeri van Es Photography

Vroeg in het voorjaar, na de koude wintermaanden, komen ze weer tevoorschijn uit hun schuilplaatsen. De mannetjes gaan meteen druk aan de slag met het bouwen van een berg, met op de top van de berg een schelp. Als duiker zijn de bergjes van het dikkopje makkelijk te herkennen: van bovenaf lijken ze een beetje op een ster met in het midden een schelpje. Hoewel zo’n bergje voor ons niet veel voorstelt, moet het voor het dikkopje toch echt een hele opgave zijn om zoiets te bouwen. Met een hoop drukke bewegingen en gezwiep van zijn staart duwt hij het zand met open bek de berg op en graaft op deze manier kleine geultjes uit, die naar de berg toelopen. Hierdoor ontstaat de ster-achtige vorm. Als zijn berg dan eindelijk klaar is, kruipt hij onder de schelp op de top van zijn berg.

Waarom bouwen ze eigenlijk een berg? Gebruikt hij deze als schuilplaats, uitkijkpost voor indringers of om indruk te maken op de vrouwtjes?

Gespartel onder een schelp

Dikkopje - Foto: Yoeri van Es
Dikkopje (Pomatoschistus minutus) – Foto: Yoeri van Es Photography

Ikzelf denk het laatste. Ik heb zelf laatst meegemaakt, dat een vrouwtje erg onder de indruk was van de berg van een mannetje dat ze tegenkwam. Het vrouwtje zwom eerst een paar keer langs, voordat ze op zijn schelp ging liggen. Meerdere keren zwom het vrouwtje weg en ging daarna weer op de schelp liggen. Dit ging wel zo’n 15 minuten door. Het leek wel of ze het mannetje aan het keuren was: zou hij wel een goede vader zijn, is hij wel groot en sterk genoeg. Na dat kwartier verdween het vrouwtje onder de schelp (een grote oester) van het mannetje. Even later, na wat druk gespartel, kwam het vrouwtje weer naar buiten en zwom weg. Het mannetje ging weer op de uitkijk liggen onder zijn schelp.

Pas een paar duiken later had ik het in de gaten. Het vrouwtje had eitjes gelegd aan de onderkant van de schelp en het mannetje bewaakt ze totdat ze uitkomen. Met het blote oog zijn de eitjes (die de grote hebben van zandkorrels) bijna niet te zien.

Het dikkopje

Het dikkopje is een klein zandkleurig visje, dat maximaal tien centimeter kan worden, maar de meeste die je tegenkomt zijn zo’n vijf tot zes centimeter. Zijn voedsel bestaat vooral uit kleine kreeftachtigen, wormpjes en andere kleine beestjes. Dikkopjes zijn zomers volop aan de kust te vinden in de branding, in getijdepoelen en plassen van soms maar vijf centimeter diep.

Foto’s: Yoeri van Es Photography